Uitgelichte tafelsetting
De droomtafel van Inge Rylant
Hoe ziet de ideale eettafel eruit van iemand die haar leven aan de schoonheid wijdt? Serax vroeg het aan de Belgische beeldend artieste Inge Rylant. Haar antwoord: een sereen aperitief in een oud Japans huis, gefotografeerd door haar man Ringo Gomez.
Stel jezelf even voor.
Inge Rylant:
“Ik ben Inge, freelance illustrator en kunstenaar. Doorheen de jaren heb ik uiteenlopende opdrachten gedaan, van textielprints ontwerpen tot het tekenen van een Japans kinderboek. Momenteel focus ik me meer op autonoom werk. De hoofdnoot van mijn werk bestaat uit digitale tekeningen die ik vertaal naar een analoge drager. Meestal is dat manuele zeefdruk op papier. Mijn stijl is abstract en heel erg gericht op kleurvlakken — ik ben gebiologeerd door de manier waarop kleuren met elkaar in dialoog gaan. Vele toeschouwers vinden mijn illustraties Japans ogen, wat ergens wel klopt. Samen met mijn man Ringo woon ik halftijds in Japan en de visuele cultuur van dat land sijpelt door in mijn werk.”
Ringo Gomez: “Ik ben Ringo en ik werk als freelance journalist en fotograaf voor onder andere De Standaard, De Tijd en Design Anthology. Ik concentreer me op interieur, design en Japan. Zo heb ik vorig jaar een boek uitgebracht over Japanse ambachten, genaamd Shosa - Meditations in Japanese Handwork waarin ik focuste op de serene handelingen en bewegingen van Japanse makers.”
Vanwaar die liefde voor Japan?
Inge: “Dat is een vraag die we — terecht — zeer vaak krijgen. Niettemin blijft het antwoord nog steeds even vaag. Het gaat om een liefde voor de dagdagelijkse dingen in Japan: de manier waarop eenvoudige gebruiksvoorwerpen ontworpen zijn, de wijze waarop mensen handelen en communiceren, de architectuur van eenvoudige woningen, dat soort zaken. Veel dingen ademen een zeer specifieke en moeilijk te beschrijven sfeer uit die wij enorm appreciëren.”
Ringo: “Tien jaar geleden zijn wij voor de eerste keer naar Japan gereisd. Hoewel de beroemde tempels en de grootsheid van Tokio indrukwekkend zijn, waren die zaken niet hetgeen ons deed teruggaan. Zoals Inge al zei: wat ons charmeert, is de gewone Japanner en het gewone leven. In mijn boek probeer ik dat te vatten door het concept shosa uit te leggen. Shosa verwijst naar een serene en oprechte houding, een manier van bewegen en handelen. Het gaat om het tonen van respect voor objecten, mensen, de natuur en de omgeving. In Japan is er véél mooie shosa en dat fascineert ons.”
Jullie droomtafel staat dan ook in Japan.
Ringo: “Inderdaad. Voor onze droomtafel zijn we gestart vanuit onze eigen Japanse woning, waar wij de helft van het jaar verblijven. Het is een oud huis van de overleden grootmoeder van een vriendin dat we mogen huren. Het is ietwat krakkemikkig, maar mooi. Zoals alle oude Japanse huizen is het bijzonder heet in de zomer en bijzonder koud in de winter. Van isolatie is er geen sprake; centrale verwarming of airco zijn er niet. Als het waait, dan waait het binnen. De kamers verwarmen doen we met een stokoud oliestoofje.
“Het huis is back to basics, maar de esthetiek ervan maakt dat meer dan goed. Het bevindt zich in Matsushima, een dorpje in het noorden van Japan aan een prachtige baai waar 260 kleine eilanden, vaak niet groter dan een rots, in het water lijken te dobberen. De bekende haikudichter Basho werd sprakeloos door de schoonheid van de baai toen hij door het noorden reisde voor zijn wereld beroemde boek The Narrow Road to the Deep North. Ons huisje heeft een mooie tuin, twee tatamikamers en een engawa. Dat is een gangachtige tussenruimte met houten vloer en papieren schuifdeuren tussen de tatamikamers en de buitenramen — typisch voor de traditionele architectuur. Maar we hebben ook in een tweede woning gefotografeerd, eveneens een traditioneel huis, op enkele honderden meters van onze woning. Dat is tiptop in orde en werkelijk een droomhuis.”
We zien kleine hapjes, borden en kopjes verspreid in de tatamikamer. Wat was het concept?
Inge: “We hebben gekozen om het aperitief uit te beelden. Het is ons favoriete moment van de dag. Een aperitief is luchtiger, vluchtiger en vrijer dan een diner. Ons droomaperitief is er eentje in Japanse stijl, op de tatami en met saké rijstwijn — die je eigenlijk nihonshu moet noemen om echt correct te zijn — en kleine hapjes. De tatami vloerbekleding maakt dat je op de grond zit, in plaats van op een stoel, en dus vrijer bent in je bewegingen.
“Voor de fotosessie heb ik verschillende handgemaakte wagashi gekocht, traditioneel Japans suikergoed dat tijdens de theeceremonie — en andere momenten — genuttigd wordt. Wagashi zijn prachtig gekleurd en kunstwerkjes op zich. Die verwijzing naar de theeceremonie vind ik belangrijk, omdat die nogal vaak fout geïnterpreteerd wordt. De meesten denken aan een stijve bedoening waarbij je met rechte rug thee drinkt. Niet dus. De theeceremonie duurt vier uur en vangt aan met een volledige maaltijd en saké. Het theedrinken is slechts het laatste deel. Vergelijk het met de koffie na de maaltijd bij ons.”
Jullie gebruikten enkel het servies Ra van Ann Demeulemeester en Serax. Waarom?
Inge: “Voor mij was het heel eenvoudig. Ofwel werkten we met het servies van Ann Demeulemeester, ofwel lieten we de opdracht aan ons voorbijgaan. Serax heeft heel wat interessante ontwerpers in haar stal, maar voor mij zou een droomtafel in een Japans huis enkel met dat van Ann werken. Ik was in het bijzonder benieuwd naar hoe het groene servies zou combineren met de Japanse setting. Zoals gedacht: erg goed! Maar ook het witte servies verbaasde me. Ann heeft een zeer specifiek gebroken wit gekozen.”
Ringo: “Voor mensen die ooit in Japan zijn geweest, is het evident dat Ann met haar servies naar de Japanse esthetiek verwijst. Maar het gaat verder dan dat. Ra is niet zomaar een ontwerp van Ann Deme, het is Ann. Zij is zo’n ontwerper die zich puur en compromisloos uitdrukt in haar werk, waardoor ieder object een verlengde vormt van haar persoonlijkheid. Dat klinkt misschien een beetje zweverig maar wat ik wil zeggen, is dat Ann Demeulemeester heel diep naar binnen kijkt wanneer zij iets maakt. In deze tijden van hyperconsumptie is zo’n compromisloze maker een verademing. Iedereen doet liever water bij de wijn, Ann niet, en dat is bewonderenswaardig.”
Jullie hebben bewust niet enkel met licht maar ook met schaduw gewerkt.
Ringo: “Niet voor niets was het een Japanner — Junichiro Tanizaki — die het boek In Praise of Shadows heeft geschreven. Ik heb een sterke voorliefde voor natuurlijk licht en het clair-obscureffect. In deze foto-opdracht heb ik getracht daarmee te spelen, temeer omdat Ann Demeulemeester ook graag met sterke lichtcontrasten werkt. Er is geen enkele vorm van kunstlicht aan te pas gekomen, wat de foto’s een natuurlijke uitstraling geeft.”
Inge: “In Japan is de zon sterker dan in Europa, waardoor er automatisch sterkere contrasten ontstaan. Dat is een deel van de schoonheid van de Japanse woning, met haar papieren schuifdeuren en houtwerk. Ik vind het natuurlijk licht de kleuren van het servies en de wagashi versterken. Mensen denken vaak dat Ann Demeulemeester enkel met zwart en wit werkt. Ze implementeert niet vaak kleur, maar als ze het doet, is het raak.”